Lopende onderzoeken
De NVH kan landelijk patiëntgebonden wetenschappelijk onderzoek dat door haar leden wordt geinitieerd beoordelen en aanbevelen. Klik hier voor de voorwaarden en werkwijze. De onderzoeken die op deze pagina vermeld staan zijn beoordeeld en goedgekeurd.
Op onderstaande pagina vindt u op dit moment een drietal trials:
- COPE-studie
- TIPS-TRUE trial
- VIRID-studie
COPE-studie: COlesevelam versus PlacEbo bij cholestatische jeuk
Jeuk bij chronische lever- en galwegziekten is vaak moeilijk te behandelen. Helaas zijn de resultaten van de thans ter beschikking staande medicamenteuze opties (m.n. cholestyramine, rifampicine en naltrexon) lang niet altijd toereikend en zijn (ernstige) bijwerkingen niet uitzonderlijk. De precieze pathofysiologie van cholestatische jeuk is onbekend, maar dat galzuren of andere pruritogene stoffen in gal een rol spelen is hoogst waarschijnlijk. Colesevelam lijkt een nieuwe potentiële therapie. Het betreft een middel dat 7x potenter is in het binden van galzuren dan cholestyramine, met bijwerkingen vergelijkbaar met die van placebo. Het doel van de COPE-studie is om in een placebo-gecontroleerde, gerandomiseerde studie het effect van Colesevelam op cholestatische jeuk te meten. De behandelingsduur is 3 weken, het effect wordt gemeten aan de hand van visual analogue scales, quality of life scores en foto’s van krablaesies (mede)beoordeeld door een dermatoloog. In principe kunnen alle patiënten met cholestatische jeuk deelnemen, ongeacht oorzaak en huidige behandeling. Alleen bij gebruik van cholestyramine wordt een wash-out periode van 3 weken in acht genomen. Exclusie-criteria zijn leeftijd jonger dan 18 jaar, het niet beheersen van de Nederlandse taal, een levensverwachting korter dan 6 maanden, aanwezigheid van maligniteit of zwangerschap. Gezien de moeilijke eindpunt-evaluatie is besloten het aantal studiecentra te beperken tot het UMCU, het AMC en het Erasmus MC.
Wij hopen dat u wilt overwegen bij te dragen aan deze trial en uw patiënten met cholestatische jeuk voor deze korte studie wilt verwijzen naar het UMCU (Karel van Erpecum; k.j.vanerpecum@umcutrecht.nl), het AMC (Ulrich Beuers; u.h.beuers@amc.uva.nl) of het Erasmus MC (Henk van Buuren; h.vanbuuren@erasmusmc.nl). Hiertoe, maar ook voor overige informatie kunt u contact opnemen met Edith Kuiper, arts-onderzoeker in het Erasmus MC: (e.m.m.kuiper@erasmusmc.nl of ( 010 7033040 / 06 28740096).
Voor deelnemende patiënten is vergoeding van de reiskosten mogelijk.
Drs. Edith Kuiper, ErasmusMC
Dr. Henk van Buuren, ErasmusMC
Prof. dr. Ulrich Beuers, AMC
Dr. Karel van Erpecum, UMCU
Op 1 januari 2008 is een Nederlandse studie bij patiënten met een eerste of tweede oesophagus- of maagvaricesbloeding gestart, de TIPS-TRUE trial.
Dit investigator-initiated onderzoek is een multicentrische studie vanuit de vier academische centra waar TIPS behandeling wordt verricht: het LUMC, het UMC St. Radboud, het AMC en het Erasmus MC. Daarnaast zijn er 10 niet-academische participerende centra.
Het betreft een onderzoek naar de optimale secundaire preventie van varicesbloedingen.
De trial vergelijkt behandeling met TIPS met endoscopische therapie + propranolol bij patiënten met een eerste of tweede (oesophagus- of maag)varicesbloeding. Brede landelijke steun is onmisbaar om de trial te doen slagen. Uw deelname aan het onderzoek wordt zeer op prijs gesteld. Nadere gegevens vindt u in onderstaand document.
< NVH_website_informatie_TIPS-TRUE_trial.pdf >
Met collegiale hoogachting,
Dr. B. van Hoek,
Prof. dr. J.P.H. Drenth
Dr. E.A.J. Rauws
Dr. H.R. van Buuren
Drs. A. Wils
In januari 2008 is een Nederlandse studie bij HCV-genotype 1 en 4 patiënten gestart.
Dit onderzoek is uniek omdat het door onderzoekers uit het Radboud MC en Erasmus MC zelf is geïnitieerd. Uw deelname aan het onderzoek wordt zeer op prijs gesteld vooral omdat het een geruime tijd geleden is sinds een gezamenlijk klinisch onderzoek naar hepatitis C werd voorgesteld. U ontvangt bij deelname een passende vergoeding.
Bij dit onderzoek, de VIRID studie zal de dubbele dosering ribavirine met de huidige dosering worden vergeleken. Omdat ribavirine een anemie kan veroorzaken wordt erythropoietine beschikbaar gesteld.
Graag vraag ik of u geïnteresseerd bent om deel te nemen. De details vindt u in onderstaande documenten.
Met collegiale hoogachting,
Dr. Rob. J. de Knegt en Prof. Dr. Joost P.H. Drenth